Nederland is een democratische verzorgingsstaat welke belooft groepen die als zwakker worden gezien, waaronder ook vluchtelingen, te helpen op hun weg naar inclusie.

Ondanks het omvattende integratiebeleid in Nederland, blijft de daadwerkelijke maatschappelijke participatie en inclusie van vluchtelingen een uitdaging. Een van de redenen voor de maatschappelijke uitsluiting van vluchtelingen is dat in de context van de Nederlandse verzorgingsstaat vluchtelingen vaak gezien worden als een zwakke en hulpbehoevende groep. Dit kan de kansen van vluchtelingen om mee te doen in de Nederlandse samenleving belemmeren. 

Hierdoor bestaat er een vrij dominante betrokkenheid van sociale wetenschappers bij de formulering van beleid ten aanzien van ongelijkheid in de samenleving

In het verleden zijn academici steeds meer gaan samenwerken met de Nederlandse overheid, waardoor de grens tussen hen begon te vervagen. Hierdoor bestaat er een vrij dominante betrokkenheid van sociale wetenschappers bij de formulering van beleid ten aanzien van ongelijkheid in de samenleving. Dit wordt geïllustreerd in de vele onderzoeks- en beleidsstukken die de afgelopen decennia aandacht besteden aan de participatie en integratie van migranten in Nederland. Het nadelige gevolg van dit samenwerkingsverband is dat er in de academische wereld een sterke afhankelijkheid is van overheidsfinanciering en dat onderzoek steeds meer wordt beïnvloed door de overheidsagenda. Het dominante samenwerkingsverband tussen beleid en de wetenschap heeft geresulteerd in een toenemend homogeen beleid waarbij vluchtelingen als een zwakke groep worden weggezet. Daarnaast heeft deze nauwe samenwerking een marginaliserende invloed gehad op de ontwikkeling van een meer betrokken (en vooral kritische) wetenschapstraditie in Nederland.

Er moet wel worden opgemerkt dat valorisatie en maatschappelijke impact van onderzoek in de Nederlandse academische context steeds belangrijker is geworden. Desondanks wordt wetenschappelijke betrokkenheid nog steeds vooral benaderd als een eenzijdige kennisoverdracht van de academische wereld naar de samenleving in plaats van een wederzijdse uitwisseling van kennis. Door een wederzijdse uitwisseling zou er meer ruimte zijn voor alternatieve perspectieven en beelden over vluchtelingen waardoor zij meer als sterke en ondernemende individuen met talenten zouden worden gezien.